Geen btw-vrijstelling voor lidgelden van VZW die tegenprestatie zijn voor supportdiensten

Een vzw die aan de kopers van een softwarepakket gedurende een jaar support via een helplijn aanbiedt en die vervolgens voor elk volgend jaar een “lidgeld” aanrekent waardoor het “lid” gebruik kan blijven maken van de supportdiensten, moet deze bijdragen aan de btw onderwerpen.
 
Dat er leden zijn die geen bijdrage betalen doet niet ter zake aangezien dergelijke leden geen gebruik kunnen maken van de support diensten.
 
Dat bepaalde leden die wel de bijdrage betalen geen beroep doen op de supportdiensten doet evenmin ter zake (Cf. HvJ, Kennemer Golf and Country Club, C-174/100, 21 maart 2002).
 
De vzw moet echter de btw niet betalen. Er is door de administratie nooit enige opmerking gegeven over het niet aanrekenen van btw. De fiscus roept de voorrang van het wettelijkheidsbeginsel in op het opgewekt vertrouwen waarop de btw-plichtige zicht beroept. De vrijstelling in casu betreft echter een specifieke feitenkwestie waardoor de vzw zich terecht op het vertrouwensbeginsel beroept.
 
HvB Brussel, 16 juni 2011

Fiscus moet geen fout van bestuurder aantonen voor hoofdelijke aansprakelijkheid bij niet-betaling 2 btw-schulden

Het Hof van Beroep te Gent bevestigt dat het wettelijke vermoeden opgenomen in artikel 93undecies Wbtw inderdaad de fiscus toelaat bij niet-betaling van twee opeisbare schulden de bestuurde(s) hoofdelijk aansprakelijk te stellen. Met verwijzing naar de voorbereidende werken in de Kamer, stipuleert het Hof dat het hier zowel de 2 opeisbare schulden als het inroepen van de aansprakelijkheid via het aangetekend schrijven hebben plaatsgevonden voor de faillietverklaring van de onderneming door de rechtbank.
 
Eerder was er ook al rechtspraak (bekritiseerd) die het wettelijk vermoeden ook toeliet voor schulden na het faillissement (Rb. Antwerpen 22 november 2010).
 
Maar er is ook rechtspraak die stelt dat de fiscus ingeval van faillissement wel het bestaan van een fout moet aantonen en niet kan terugvallen op het wettelijk vermoeden van artikel 93undecies Wbtw (HvB. Luik, 8 juni 2011).
 
HvB Gent, 10 mei 2011

Administratie blijft btw-aftrek cateringkosten bij publicitair evenement weigeren

Op 11 maart 2010 besliste het Hof van Cassatie dat een btw-plichtige wel degelijk de btw die hij heeft betaald op cateringkosten kan recupereren, wanneer deze kosten deel uitmaken van een publicitair evenement dat tot doel heeft potentiële kopers in te lichten over het bestaan en de hoedanigheden van een product of dienst met de bedoeling de verkoop ervan te bevorderen. Het pleit leek hierbij beslecht in het voordeel van de btw-plichtige.
Maar anderhalf jaar na deze uitspraak beslist de btw-administratie dat zij het niet eens is met deze zienswijze. Volgens de administratie is en blijft de btw betaald over deze horecakosten (spijzen en dranken voor verbruik ter plaatse) niet aftrekbaar omwille van de aard van de kosten en doet het doel waarvoor de kosten worden gemaakt niet ter zake.
Let wel, het gaat ons inziens enkel om de kosten van maaltijden en dranken die als dienstprestatie worden beschouwd (12% voor de maaltijden, 21% voor de dranken). Wat niet wordt vermeld in de beslissing is dat de loutere levering van maaltijden door een cateringbedrijf (doorgaans 6%) en de aankopen van dranken, waar de leverancier geen bijkomende diensten verstrekt (zoals in hoofdzaak bediening), niet bedoeld zijn in artikel 45, § 3, 3° Wbtw. De btw geheven van dergelijke kosten moet dan ook aftrekbaar zijn indien deze kosten deel uitmaken van een dergelijk publicitair evenement, maar de btw geheven van de aankopen van geestrijke dranken zal dan volgens dezelfde redenering van de fiscus niet aftrekbaar zijn op basis van artikel 45, § 3, 2° Wbtw. Controleurs verwerpen regelmatig de btw-aftrek op kosten van de loutere levering van maaltijden, maar worden hierin door diverse rechtbanken tegengesproken.
We mogen dus verwachten dat btw-controleurs zich terug op deze kosten zullen focussen bij controles en de uitgeoefende btw-aftrek op deze kosten zullen verwerpen. De kans bestaat zelfs dat zij reeds gecontroleerde jaren opnieuw zullen bekijken wanneer de verjaring nog niet is ingetreden. Het wordt dan ook wachten op nieuwe Cassatierechtspraak om terug zekerheid te krijgen omtrent de btw-aftrek op dergelijke horecakosten.
 
Beslissing nr. ET 120.663 van 2 december 2011

Dwangbevel nietig indien btw-omzetverhoging steunt op nietig verklaard akkoord directe belastingen

Het Hof van Beroep in Brussel verklaart een dwangebevel inzake btw nietig omdat de omzetverhoging inzake btw gesteund was op een akkoord tussen de btw-plichtige en de fiscus inzake directe belastignen en waarbij de rechtbank dit akkoord eerder al nietig verklaarde. De nietigheid van het akkoord inzake directe belastingen heeft dan ook de nietigheid van het dwangbevel tot gevolg waarin btw wordt gevorderd op basis van het nietig verklaarde akkoord.
 
HvB Brussel, 9 juni 2011

Inbreng in joint venture van bedrijfsafdeling met toepassing van artikel 11 Wbtw

De inbreng van de bedrijfsafdeling, namelijk X, van de NV A aan een joint venture JV wordt verricht omwille van geldige economische motieven en heeft niet belastingfraude of -ontwijking in de zin van artikel 183bis van het WIB92 als hoofddoel of één der hoofddoelen en maakt een inbreng van een bedrijfsafdeling uit die valt onder het toepassingsgebied van artikel 46, § 1, WIB92, 117, §2, W. Reg., 11 en 18, § 3, Wbtw.
 
Voorafgaande beslissing nr. 2011.237 van 5 juli 2011

Geen automatische hoofdelijke bestuurdersaansprakelijkheid bij niet-betaling btw-schulden bij faillissement

Volgens het Hof van Beroep van Luik is de niet-betaling van btw-schulden in het kader van een faillissement niet automatisch het gevolg van een fout van de bestuurder.
 
Wanneer de fiscus de zaakvoerder hoofdelijk aansprakelijk wenst te stellen voor de betaling van de btw-schulden wegens een fout van deze bestuurder, dan dient de fiscus het bewijs van deze fout te leveren.
 
Tegengestelde rechtspraak bij Rb. Antwerpen, 22 november 2010
 
HvB Luik, 8 juni 2011

Fiscus moet akkoord over uitsplitsing omzet niet herroepen wanneer de btw-plichtige zijn uitbatingsomstandigheden wijzigt

Wanneer een btw-plichtige met de administratie een akkoord sluit over een percentage voor de uitsplitsing van de omzet tussen 6% en 21%, in casu fitness enerzijds en sauna en wellness anderzijds, dan is de controleur niet gehouden dit akkoord te volgen indien de btw-plichtige de uitbatingsomstandigheden waarop het akkoord is gegeven wijzigt, in casu nieuwe inrichting en uitbreiding. Het is evenmin nodig dat de administratie het akkoord eerst herroept.
 
Omdat er geen gegevens voorliggen die toelaten een uitsplitsing te maken in de gecontroleerde periode tussen een deel van de prijs aangerekend door de btw-plichtige aan haar klanten dat een dienst vergoedt belastbaar aan 6 % en een deel van de prijs dat een dienst vergoedt belastbaar aan 21 %, vordert de administratie terecht 21% over de gehele omzet.
 
HvB Brussel, 12 mei 2011

Aanrekening organisatievergunning door KBWB aan wielerwedstrijdorganisator kan voorgeschoten som zijn

Het bedrag dat de Koninklijke Belgische Wielerbond aan de organisatoren van een wielerwedstrijd aanrekent voor het verkrijgen van een organisatievergunning, wordt als een voorschot aangemerkt in de zin van het artikel 28.5 van het Wbtw, in die mate waarin het een loutere doorrekening van kosten betreft die de organisator contractueel of op grond van een reglement rechtstreeks verschuldigd is.
 
In dat geval betaalt de KBWB in naam en voor rekening van de organisatoren.
Of aan voorgaande voorwaarden is voldaan kan slechts beoordeeld worden aan de hand van de reglementering ter zake en de eventuele contracten tussen de partijen. Ik zal mijn administratie de opdracht geven om na onderzoek van die gegevens een standpunt in te nemen.
 
Kamercommissie Financiën, 53339, Vraag 6286, Van Cauter, 22 november 2011

Addendum beslissing nieuwe regeling voordelen alle aard nog voor dit jaar

Volgens de minister zal nog dit jaar het addendum worden gepubliceerd bij de beslissing over de nieuwe regeling inzake aftrek en privégebruik van bedrijfsmiddelen.
 
Persoonlijk denken wij dat een publicatie er dit jaar niet meer inzit. Zien wie gelijk krijgt!
 
Kamercommissie Financiën, 53339, vraag 6993, Gilkinet en vraag 7038 Wouters, 22 november 2011

Global refund cheque wordt Tax Free Form

Via Global Refund Cheque kunnen btw-plichtige verkopers van goederen aan reizigers die de goederen meenemen naar een plaats buiten de Gemeenschap, de aangerekende btw terugkrijgen wanneer de reiziger het betreffende document afgeeft bij de Global Refund Cheque balie op het punt van uitgang (bv. Zaventem). Deze organisatie geeft de reiziger de btw terug wegens uitvoer, recupereert de btw en rekent aan de aangesloten winkeliers een commissie aan.
 
Omwille van de duidelijkheid wordt de naam Global Refund Cheque gewijzigd in Tax Free Form.
 
De administratie bevestigt in een beslissing dat deze nieuwe naam gebruikt mag worden in het kader van de vrijstelling wegens uitvoer door een reiziger, artikel 39, § 1, 4° Wbtw.
 
Beslissing nr. ET 62.087 van 29 november 2011

Notarissen en gerechtsdeurwaarders verliezen btw-vrijsteling in 2012

De belangrijkste maatregel is dat notarissen en gerechtsdeurwaarders niet langer onder de vrijstelling van artikel 44, § 1, 1° Wbtw zullen vallen. Voor de advocaten blijft deze vrijstelling wel van toepassing.
Ervan uitgaand dat de nieuwe regeling in werking zal treden per 1 januari 2012 (zou ook 1 februari 2012 kunnen zijn), betekent dit dat de notarissen en gerechtsdeurwaarders vanaf dat tijdstip 21% btw zullen moeten aanrekenen over hun dienstprestaties, wanneer deze voor de btw in België plaatsvinden.
Hoe deze maatregel concreet zal worden uitgewerkt, daarvoor moeten we wachten op het ontwerp van programmawet.
Zo rekenen notarissen en gerechtsdeurwaarders vaak naast hun vergoeding voor hun prestaties, bepaalde kosten door. Er zal dus nagegaan moeten worden in welke mate bepaalde kosten kunnen kwalificeren als bv. sommen voorgeschoten in naam en voor rekening van de klant. Deze moeten immers uit de maatstaf van heffing voor de btw worden geweerd. De afrekeningen zouden misschien wel eens complex kunnen worden.
Anderzijds betekent deze nieuwe maatregel dat notarissen en gerechtsdeurwaarders btw-plichtigen met recht op aftrek worden. Daardoor zullen zij in principe de btw die ze in het verleden hebben betaald op hun bedrijfsmiddelen, met inbegrip van de diensten waarvoor de btw ook voor de herziening inzake bedrijfsmiddelen in aanmerking komt (immateriële vaste activa die op minstens vijf jaar worden afgeschreven) voor zoveel vijfden of vijftienden alsnog in hun voordeel kunnen recupereren voor de jaren van de herzieningstermijn die nog niet zijn verstreken.
Blijkbaar heeft de wetgever rekening gehouden met deze btw-herzieningen in het voordeel van de notarissen en gerechtsdeurwaarders. Zo is er sprake van een wetswijziging met betrekking tot de teruggaaf van btw. De btw voor het verleden die notarissen en gerechtsdeurwaarders alsnog voor een stuk kunnen recupereren, zou daardoor niet voor terugbetaling in aanmerking komen. Deze btw-tegoeden zullen op de rekening-courant blijven staan tot zij volledig toegerekend zijn op verschuldigde btw-bedragen. Anderzijds zou de btw geheven van kosten waarvoor het recht op aftrek is ontstaan na 31 december 2011 wel voor terugbetaling in aanmerking komen.
En door de btw-plicht kan ook de btw-eenheid zijn voordeel hebben voor de notarissen of gerechtsdeurwaarders. Wanneer de patrimoniumvennootschap het bedrijfsgebouw verhuurt aan de werkvennootschap, is er geen btw aftrekbaar omdat de verhuur in principe vrijgesteld zal zijn door artikel 44, § 3, 2° Wbtw. Bij een verhuur binnen de btw-eenheid kan er eventueel nog een aanzienlijk btw-bedrag worden gerecupereerd.
Het is duidelijk dat deze nieuwe regeling ook voor de externe accountants en boekhouders de nodige impact zal hebben bij het voeren van de boekhouding van notarissen en/of gerechtsdeurwaarders. U doet er best aan met deze cliënten rond tafel te zitten en na te gaan of er mogelijke btw-recuperaties of –optimalisaties mogelijk zijn. Uiteraard kunnen wij u hier ook bij helpen.