Heropgerichte zolderverdieping is nieuwe oppervlakte

Gepubliceerd op 16 februari 2024

Op de omvorming en uitbreiding van een rechthoekige bungalow met een laag puntdak werd volgens de fiscus ten onrechte het verlaagd btw-tarief van 6% voor verbouwingen toegepast (rubriek XXXI, tabel A KB 20). Voor de toepassing van dit verlaagd btw-tarief moeten onder meer de volgende voorwaarden vervuld zijn:

  • de handelingen moeten de omvorming, renovatie, rehabilitatie, verbetering, herstelling of het onderhoud, met uitsluiting van de reiniging, geheel of ten dele van een woning tot voorwerp hebben;
  • de handelingen moeten betrekking hebben op een woning die, na de uitvoering ervan, hetzij uitsluitend, hetzij hoofdzakelijk, als privéwoning wordt gebruikt.

Het hof benadrukt dat het aan de bouwheer (bij wie de bijkomende btw van 15% werd gevorderd) is om het bewijs te leveren dat het verlaagd btw-tarief van 6% van toepassing is, en niet het normale btw-tarief van 21%.

Het hof herinnert aan de rechtspraak van het Hof van Cassatie (F.19.0069.N dd. 25.06.2020 en F.21.0053.N dd. 21.10.2022) volgens dewelke er sprake is van een verbouwing (wat ook de benaming is die eraan wordt gegeven) als de werken op relevante wijze steunen op de reeds bestaande dragende muren, in het bijzonder de buitenmuren, en, meer algemeen, op de wezenlijke elementen van de structuur van het te renoveren gebouw.

Anderzijds is er sprake van nieuwbouw als de uitgevoerde werken niet steunen op de wezenlijke elementen van de structuur van het gebouw en het gebouw heropgebouwd wordt na afbraak, zelfs indien bepaalde delen, zoals de funderingen, de kelders of alleen de voorgevel worden behouden. Dit is eveneens het geval wanneer wezenlijke elementen van de structuur van het gebouw, en in het bijzonder de fundering van het gebouw, substantieel dienen te worden vernieuwd of verstevigd om de uitgevoerde werken te ondersteunen.

Als een gebouw wordt uitgebreid, dan aanvaardt de fiscus dat het om een verbouwing gaat als de oude oppervlakte na de werken nog betekenisvol is, wat inhoudt dat die oude behouden oppervlakte meer dan de helft moet bedragen van de totale oppervlakte na de verbouwing, en de uitbreiding niet onafhankelijk van de het oude gedeelte kan functioneren en er één geheel mee vormt.

Volgens het hof is dat administratieve standpunt (circulaire 6 dd. 22.08.1986) al een tolerantie op de wettekst van het voormeld verlaagd btw-tarief. En ook al is een circulaire niet bindend en is er in de wet geen oppervlaktecriterium opgenomen, is het voor het hof aannemelijk dat voor het verlaagd btw-tarief de uitbreiding beperkt moet blijven.

Het hof besluit dat er in deze zaak sprake is van nieuwbouw en niet van een verbouwing. De oppervlakte van de bestaande woning, voorafgaand aan de werken, bedroeg 117,84 m². Na de omvormings- en uitbreidingswerken bedraagt de totale oppervlakte 335,64 ², wat dus meer dan een verdubbeling is.

De zolderverdieping, die volgens het hof bij gebrek aan het bewijs van het tegendeel voor de werken geen bruikbare oppervlakte had, wordt dusdanig omgevormd dat er volgens het hof sprake is van nieuwe oppervlakte. De nok van het oorspronkelijke dak was slechts 1,30 m hoger dan de dakgoot. De ruimte onder het dak werd tot op de vloerplaat afgebroken. De bestaande (lage) puntgevels van de verdieping werden volledig gesloopt en vervangen. Er waren geen binnenmuren op de zolderverdieping en de vloerplaat werd aangevuld over (een deel van) de vernieuwde achterbouw op het gelijkvloers.

Die verdieping werd heropgericht met nieuwe zijgevels, een nieuw dakgebinte en hoog puntdak met vier dakkapellen, nieuwe binnenmuren, nieuwe nutsvoorzieningen enzovoort en bestaat uit drie slaapkamers, een badkamer, een dressing, een nachthal en ruimte voor technieken. Volgens het hof rust deze nieuwe verdieping bovendien op de bestaande (gedeeltelijk ontmantelde) en versterkte structuur enerzijds en, onmiskenbaar, op de nieuwe achterbouw van de woning anderzijds. Bij dergelijke uitbreiding is de aanvankelijke structuur ondergeschikt geworden aan de nieuwe en is er sprake is van nieuwbouw. Die conclusie wordt nog versterkt door het feit dat op het gelijkvloers de bestaande structuren versterkt werden (poutrels, onderschoeiingswerken aan de bestaande fundering en de nieuwe funderingen voor de uitbreiding van het gelijkvloers waarop de nieuwe verdieping deels rust).


HvB Gent, rolnr. 2022/AR/1198, 19 december 2023


Heb je graag toegang tot de nieuwsberichten?

Bestaande klant?

Nieuwe klant?