Handelingen van verpleegkundigen bij esthetische ingrepen blijven vrijgesteld van btw

Gepubliceerd op 1 februari 2017

Artikel 44, § 1, 2° Wbtw stelt onder meer vrij van btw: de diensten die door verpleegkundigen worden verricht in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid.
Die vrijstelling geldt dus voor alle handelingen die verpleegkundigen verrichten binnen de normale uitoefening van hun beroep (ongeacht een opname ervan in de RIZIV-nomenclatuur), en dus ook voor hun handelingen die ze als verpleegkundige verstrekken bij ingrepen en behandelingen met een esthetisch karakter.
De uitsluiting van de medische vrijstelling op grond van artikel 44, § 1, 1°, tweede lid Wbtw geldt enkel voor de prestaties van artsen en niet voor de verpleegkundigen of andere zorgverstrekkers.
Hoewel de beslissing dit niet uitdrukkelijk stelt, bedoelt men hier de relatie tussen​ de verpleegkundige en de patiënt/ziekenhuis. In de relatie tussen het ziekenhuis en de patiënt behoren ook de kosten van verpleegkundigen die aan de patiënt worden doorgerekend tot de maatstaf van heffing van de met btw te belasten ingreep met esthetisch karakter.
Fisconetplus, beslissing nr. E.T.130.999, 28 november 2016


Heb je graag toegang tot de nieuwsberichten?

Bestaande klant?

Nieuwe klant?